Afdrukken

Lage inkomens de klos?

OR Informatie 11 | november 2014

Lage inkomens de klos door pensioenversobering per 1 januari 2015?

Veel pensioenregelingen worden per 1 januari 2015 versoberd. Dat komt vooral omdat de jaarlijkse pensioenopbouw in middelloonregelingen wordt beperkt tot 1,875%. Voor op eindloon en beschikbare premie gebaseerde pensioenregelingen gelden vergelijkbare beperkingen. In dit artikel richten we ons op middelloonregelingen. Met de versobering wil de overheid belastinginkomsten naar voren te halen. Werkgevers kunnen met de verlaging van de pensioenpremies hun kosten verlagen. Werknemers hoeven minder bij te dragen aan de pensioenregeling. Daardoor gaat het netto inkomen omhoog, wat weer goed is voor de economie. Of het allemaal uitkomt, moeten we nog maar zien. Waar nauwelijks aandacht voor is, zijn enkele verborgen effecten die de pensioenversobering met zich mee brengt. Vooral mensen met de laagste inkomens kunnen soms flink aan pensioenopbouw inleveren. Hoe komt dat?

Pensioenopbouw vindt plaats over de zogenoemde pensioengrondslag. Dat is het pensioengevend salaris verminderd met een franchise. Over het bedrag van de franchise mag geen pensioen worden opgebouwd. Zou dat wel mogen, dan zou als het ware dubbel pensioen worden opgebouwd: de opbouw via de pensioenregeling van de werkgever komt dan boven op de AOW. Vroeger was de franchise direct gekoppeld aan de hoogte van de AOW. Later is de directe koppeling losgelaten wat er toe heeft geleid dat in de praktijk een veelheid aan franchises voorkomt. Voor de franchise geldt wel een ondergrens. Per 1 januari 2015 geldt als fiscaal minimum voor de franchise € 12.552, voor middelloonregelingen. Dit minimum is van toepassing als de fiscaal toegestane pensioenopbouw maximaal is: voor 2015 is dat 1,875% voor een pensioenregeling van het middelloon type. Als de opbouw minder is dan het toegestane maximum, staat de fiscus toe dat de franchise lager is dan het fiscale minimum. Dus als de opbouw bijvoorbeeld 1,75% per jaar is, mag de franchise lager liggen dan € 12.552. In pensioenregelingen met nu een franchise die lager ligt dan die fiscaal minimum franchise, zal die franchise moeten worden opgetrokken als de opbouw in 2015 wordt gezet op 1,875%. Wat zijn daarvan de gevolgen?

We nemen een bestaande pensioenregeling van een groot pensioenfonds als voorbeeld. Deze regeling heeft nu een opbouw van 1,95% en een franchise van € 11.005, en is daarmee in lijn met de in 2014 toegestane combinatie van opbouw en lage franchise. Per 2015 moet de opbouw bij dat fonds worden teruggebracht. Als de opbouw wordt teruggebracht naar 1,875%, heeft dat tot gevolg dat de pensioenopbouw voor elke deelnemer aan die pensioenregeling met 3,85% (= (1,95 – 1,875) *100%/1,95) achteruit gaat. Maar daar komt de achteruitgang door de gedwongen verhoging van de franchise naar € 12.552 bovenop. Deze extra achteruitgang is salarisafhankelijk. Voor enkele salarisniveaus hebben we de achteruitgang in deze pensioenregeling in beeld gebracht.

(Voor de figuur: zie de oorspronkelijke publicatie in OR Informatie 11 | november 2014.)

De figuur laat zien dat de lage inkomens er in dit voorbeeld het meest op achteruit gaan. Zo is de jaarlijkse pensioenopbouw van de deelnemers met een minimumloon in ons voorbeeld in 2015 21% minder dan in 2014. Een werknemer met het minimumloon (€19.500,-) bouwt zo in 2015 € 130 aan ouderdomspensioen op, en niet € 166 die hij zonder die achteruitgang in 2014 opbouwt. Daar staat uiteraard tegenover dat de pensioenpremies als gevolg van de beperking van de opbouw ook zullen dalen. Maar daar hebben de deelnemers lang niet altijd het volle profijt van. Hun bijdrage in de totale pensioenpremie is bij veel pensioenregelingen vastgelegd als een bepaald percentage van de pensioengrondslag (salaris verminderd met de franchise). Als dat percentage niet wordt aangepast, komt de verlaging van de totale pensioenpremie grotendeels aan de werkgever ten goede. Werknemers die deelnemen aan pensioenregelingen met lage franchises en met een huidige opbouw van meer dan 1,875% kunnen in 2015 dus twee keer de klos zijn: bij de opbouw van hun pensioen en door het niet volledig kunnen profiteren van verlaging van de totale pensioenpremie. Werknemers met lage inkomens worden relatief het hardst geraakt.

Er zijn echter mogelijkheden om de schade te beperken. We noemen er hier twee.

– Met het oog op de mensen met de laagste inkomens kan de franchise op het oorspronkelijke niveau onder het fiscale minimum blijven. Dan moet wel de opbouw onder het fiscale maximum van 1,875% (middelloonregelingen) komen te liggen. Per saldo kunnen de mensen met de laagste inkomens daardoor beter af zijn.

– De deelnemersbijdrage in de totale pensioenpremie kan inkomensafhankelijk worden gemaakt. Ter compensatie van een relatief flinke verlaging van hun pensioenopbouw kan voor mensen met de laagste inkomens hun deelnemersbijdrage als percentage van de pensioengrondslag lager zijn dan die voor mensen met de hoogste inkomens.

ADVIES AAN DE OR:

-> Breng de oude (2014) en de nieuwe (2015) pensioenopbouw en franchise in kaart, met hun fiscale grenzen.

-> Kijk hoe de wijzigingen per inkomensgroep uitpakken. Vorm daarover een oordeel en compenseer eventueel de lage inkomens.

Thijs Jansen

Pieter Marres, Oxylo Actuarieel Advies: www.oxylo.nl

Locatie

Gebouw "Yellowstones"
Nijverheidsweg 60/11
3812 PM AMERSFOORT

Contact

  • 033 - 445 18 41
  • Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

OXYLO Actuarieel Advies

KvK: 57282285

Volg ons